Pinsa romana is een ovale pizza uit Rome met een bodem van tarwebloem, rijstmeel en sojameel. Het deeg krijgt 80 procent water op het meelgewicht en rijst tot 72 uur in de koelkast. Daarna druk je het met je vingertoppen in een ovale vorm, zonder deegroller. In een hete oven op een pizzasteen bak je de bodem in acht tot tien minuten knapperig, met een luchtige, open kruim vol grote bellen. Het beleg gaat er pas na de oven op: romige burrata, rauwe ham, rucola en een draad olijfolie.De naam pinsa romana komt van het Latijnse pinsere, aandrukken. In de oudheid drukten boeren in Lazio platte broden van spelt en gerst met de hand plat en bakten ze op hete stenen. De pinsa zoals je hem nu in Rome eet, is jonger: het recept met rijst en soja in het deeg kwam rond 2001 op. In Rome eet je hem als lunch of bij het aperitief, in repen gesneden en gedeeld met vrienden. Het verschil met pizza zit in het meel, de hoeveelheid water en de lange rijstijd, die het deeg lichter verteerbaar maakt.Begin drie dagen voordat je wilt eten. Het kneden kost twintig minuten in een keukenmachine met deeghaak, daarna doet de koelkast het werk. Op de dag zelf vorm je bolletjes, laat je ze twee tot drie uur op kamertemperatuur rijzen en verwarm je de oven met de steen drie kwartier voor. Beide extra meelsoorten vind je bij de toko of de natuurwinkel, en speltmeel kan de soja vervangen. Wil je tomaat en mozzarella, bak de bodem dan eerst vijf minuten voor en beleg hem daarna. Genoeg voor vier pinsa's van 245 gram, voor vier hongerige eters of acht mensen bij het aperitief, in repen gesneden en midden op tafel gezet.
Doe de tarwebloem, 25 gram rijstmeel en het sojameel in de kom van de keukenmachine. Verkruimel de verse gist erboven. Voeg driekwart van het ijskoude water toe en kneed acht minuten op lage stand met de deeghaak.
490 g tarwebloem type 0, 25 g rijstmeel, 25 g sojameel, 430 ml water, 2 g verse gist
Voeg het zout toe en kneed twee minuten. Laat de olie er druppel voor druppel bij lopen en giet daarna in kleine scheutjes de rest van het water erbij. Kneed tien minuten door tot het natte deeg glad en glanzend is.
430 ml water, 12 g zout, 2 tl olijfolie
Leg het deeg in een licht ingevette, afsluitbare bak. Laat het een uur op kamertemperatuur staan en zet het daarna 24 tot 72 uur in de koelkast. Hoe langer het rijst, hoe luchtiger en lichter verteerbaar de bodem wordt.
Bestuif het aanrecht met rijstmeel en verdeel het koude deeg in vier stukken van 245 gram. Vouw elk stuk tot een strak bolletje, leg ze op een bestoven plank en laat ze afgedekt twee tot drie uur rijzen.
30 g rijstmeel
Leg de pizzasteen op het onderste rooster en verwarm de oven drie kwartier voor op de hoogste stand. Zet hem vlak voor het bakken op 250 graden. Een goed doorgewarmde steen geeft de bodem een knapperige onderkant.
Leg een bolletje op het bestoven aanrecht en druk het met je vingertoppen plat, van het midden naar buiten, tot een ovaal van 30 bij 20 centimeter. Rek het deeg niet uit. Besprenkel met een paar druppels olie en grof zeezout.
30 g rijstmeel, 2 el olijfolie extra vergine, 1 snufje grof zeezout
Schuif de pinsa met de pizzaschep op de hete steen en bak hem acht tot tien minuten, tot de rand goudbruin en knapperig is. Bak de andere drie bodems op dezelfde manier en laat ze een minuut rusten op een rooster.
Leg plakken rauwe ham en een handvol rucola op de warme bodems. Scheur de burrata open en verdeel hem erover. Maak af met de rest van de olie en zwarte peper, snijd in repen en serveer meteen.
2 stuks burrata, 120 g rauwe ham, 40 g rucola, 2 el olijfolie extra vergine, 1 snufje zwarte peper
Notities
Ongebakken deeg blijft tot drie dagen goed in de koelkast, in een afgesloten bak. Voorgebakken bodems kun je afgekoeld tot drie maanden invriezen en bevroren in acht minuten afbakken. Een gebakken pinsa warm je op in een hete oven, niet in de magnetron, anders wordt de korst taai. Leg de burrata er pas op als de bodem uit de oven komt, zodat hij koel en romig blijft.