Ricottabroodjes met munt zijn zachte Italiaanse broodjes van semola rimacinata, bloem type 0 en uitgelekte schapenricotta. De ricotta vervangt een deel van het water in het deeg en maakt de kruim kort en mals, zodat de broodjes ook een dag later nog zacht zijn. Je lost verse gist op met een beetje suiker, mengt het meel met de ricotta, kneedt er water, olijfolie en zout door en werkt op het laatst fijngehakte munt door het deeg. Na twee uur rijzen verdeel je het deeg in twaalf stukken van 80 tot 85 gram, laat je de bollen nog een half uur rijzen en bak je ze met zout en sesam op de korst in 25 minuten goudbruin.In Italië heten ze panini di ricotta. De ricottabroodjes brengen twee lijnen uit de Italiaanse keuken samen: de semola van harde tarwe uit Puglia en Sicilië, waar brood van tweemaal gemalen meel het dagelijkse brood is, en de ricotta van de herders uit Midden-Italië. In Lazio is schapenricotta beschermd als Ricotta Romana DOP, gemaakt van de wei van schapenmelk uit de regio. Die ricotta is steviger en friszuurder dan koeienricotta, en is op zijn best van het late najaar tot in het voorjaar, na het lammeren.Het belangrijkste werk doe je voor je begint: laat de ricotta minstens drie uur in een fijne zeef in de koelkast uitlekken, anders wordt het deeg slap en plakkerig. Voeg het water in twee keer toe en houd het laatste kwart achter tot je ziet of het deeg het nodig heeft. Bak in een oven zonder hetelucht, eerst tien minuten op 210 graden en daarna op 190 graden, zodat de broodjes in één keer omhoog komen en de korst niet te donker wordt. Twaalf broodjes zijn genoeg voor vier personen bij een maaltijd, met antipasti, soep of een plank met kaas en vleeswaren.
150gbloem type 0 - of tarwebloem met 11 procent eiwit
250gschapenricotta - Ricotta Romana DOP, 3 uur uitgelekt
240mlwater - lauw
8gverse gist - of 3 g gedroogde gist
1,5tlsuiker
20mlolijfolie extra vergine
10gzout
1bosjeverse munt - blaadjes fijngehakt
Voor de afwerking
1elolijfolie extra vergine - om te bestrijken
1snufjegrof zeezout
1elwit sesamzaad - naar wens
bloem - om te bestuiven
Instructies
Leg de ricotta minstens drie uur in een fijne zeef boven een kom in de koelkast. Zo loopt de losse wei eruit en blijft er een stevige, droge ricotta over die het deeg niet slap maakt.
250 g schapenricotta
Los de gist met de suiker op in een paar eetlepels van het lauwe water en laat het vijf minuten staan. Als er een laagje schuim op komt, is de gist actief en klaar voor gebruik.
8 g verse gist, 1,5 tl suiker, 240 ml water
Meng de semola en de bloem in de kom van de keukenmachine. Voeg de uitgelekte ricotta toe en meng twee tot drie minuten met de deeghaak, tot het meel de ricotta helemaal heeft opgenomen en er een kruimelig mengsel ontstaat.
350 g semola rimacinata, 150 g bloem type 0, 250 g schapenricotta
Giet driekwart van het water, de olijfolie en het gistmengsel erbij en kneed op middelhoge snelheid. Voeg de rest van het water pas toe als het deeg na drie minuten nog droog en scheurig is.
240 ml water, 20 ml olijfolie extra vergine
Voeg het zout toe en kneed zeven tot acht minuten door, tot het deeg glad en elastisch is en van de wand loslaat. Het zout komt pas nu, omdat het de gist in het begin afremt.
10 g zout
Hak de muntblaadjes fijn en kneed ze er maximaal een halve minuut door. Kort kneden houdt de munt groen; langer kneden kneust de blaadjes en kleurt de kruim grijsgroen.
1 bosje verse munt
Leg het deeg in een ingevette kom, dek af en laat het minstens twee uur rijzen op een plek zonder tocht, tot het in volume is verdubbeld. Een vinger die je erin drukt, laat dan een kuiltje achter.
Stort het deeg op een licht bestoven werkblad en verdeel het in twaalf stukken van 80 tot 85 gram. Rol elk stuk onder je hand tot een strakke bol en leg de bollen met ruimte ertussen op de bakplaat.
bloem
Dek de bollen af en laat ze dertig tot veertig minuten rijzen. Verwarm intussen de oven voor op 210 graden zonder hetelucht, zodat hij op temperatuur is als de broodjes de oven in gaan.
Bestrijk de broodjes met olijfolie en bestrooi ze met grof zeezout en naar wens met sesamzaad. De olie laat het zout en de sesam hechten en geeft de korst een glanzende, goudbruine kleur.
1 el olijfolie extra vergine, 1 snufje grof zeezout, 1 el wit sesamzaad
Bak de broodjes tien minuten op 210 graden en draai de oven dan terug naar 190 graden. Bak nog vijftien tot achttien minuten, tot ze goudbruin zijn en hol klinken als je op de onderkant tikt.
Laat de broodjes op een rooster afkoelen tot ze lauw zijn. Zo ontsnapt de stoom aan alle kanten en blijft de onderkant droog; lauw is de kruim het zachtst en proef je de munt het best.
Notities
Bewaar de afgekoelde broodjes in een gesloten zak op kamertemperatuur; ze blijven twee dagen zacht. Vries ze in tot twee maanden en verwarm ze daarna vijf minuten in een oven van 180 graden. Gebruik koeienricotta alleen als je hem een nacht laat uitlekken. Vervang de munt door basilicum of marjolein als je geen verse munt hebt, en laat het sesamzaad weg voor een sesamvrije versie.